UV EXAMEN
U kunt bij onze vereniging bij voldoende belangstelling gaan trainen voor de Uithoudingsvermogen Proef ( het UV). Hierbij wordt een afstand afgelegd van 20 km in een tempo van 12-15 km per uur, met twee kleine pauzes.
Het UV examen bestaat uit twee onderdelen: de loopoefening en een kort gehoorzaamheidsgedeelte na afloop.
De 20 kilometer die de honden moeten lopen, zijn verdeeld in etappes van 8, 7 en 5 kilometer.
Tussen de etappes krijgen de honden een pauze van 15-20 minuten. In iedere pauze controleert de keurmeester de honden. Oververmoeide honden en honden waarvan de poten zijn stukgelopen of anderszins geblesseerd zijn, worden van het verdere examen uitgesloten.
Het UV diploma is het enige werkhondendiploma wat u bij AKC Waterland kunt halen.
De training geschiedt voornamelijk individueel. Op een aantal dagen wordt er gezamenlijk gefietst, in en om de gemeente Zeevang. In weer en wind………wind……wind en regen. Maar ook met koffiepauze!
FIETSEN MET DE HOND
Vooral doen, maar neem wel het volgende in acht en geef u niet meteen op voor de ronde van Noord-Holland!
Algemeen
Kies voor elke afstand die de hond moet afleggen een wisselende bodem. Dit om te voorkomen dat de hond te lang op asfalt moet lopen. Het polster van de voetzolen slijt dan harder dan dat het zich herstelt. Andersom, door te vaak op een zachte bodem te lopen, krijgt het polster geen extra impuls zich te verdikken en te verharden en dus worden de voetzolen niet weerbaar genoeg.
Als er langs het geplaveide fietspad een groenstrook ligt is het verleidelijk de hond daarop te laten lopen. Het is echter niet altijd verstandig. Vaak liggen er in een brede strook naast het fietspad vele kleine steentjes, kiezeltjes, glas e.d. Beter is het de hond dan gewoon op het fietspad te laten lopen.
Daar waar het fietspad bestaat uit een sintelweg met er naast een groenstrook, is het veiliger voor de hond om op de groenstrook te lopen. Het blijft dus steeds een zaak van opletten om scherpe dingen op het pad te omzeilen. Let op het effect van pekel (’s winters) op een natte weg. Het maakt de voetzooltjes extra week. Let ook op asfalt : asfalt kan namelijk erg heet worden, en er kunnen blaren onder de voetzolen ontstaan. De bovenste hoornlaag laat dan los. Dat is zeer pijnlijk.
Pauzeer even onderweg en kijk of de hond een erg vermoeide indruk maakt. Realiseer u, dat de afstand die u tot dan gefietst heeft, ook weer terug gereden moet worden. (Of u moet zelf een natuurlijk een bezemwagen geregeld hebben!) Controleer ook de voetzolen op scheurtjes, glassplinters, doornen. Is er een scheurtje in de voetzool of mankt de hond om een andere reden:
STOPPEN. (dus dan toch maar die bezemwagen regelen).
Gun de hond een paar dagen rust. De eeltlaag zal zich dan zonder problemen herstellen. Als zo’n plekje echter doorslijt is er kans op infectie en herstel duurt dan altijd langer. Blijf met een doorgesleten voetzool niet tobben maar ga er mee naar een dierenarts.
Opbouwen
Wordt tijdens het opbouwen van de afstand niet overmoedig, bouw de totale conditie van uw hond rustig en gestadig op. U kunt immers in de verleiding komen om de afstanden versneld te vergroten als u beschikt over een temperamentvolle hond die niet moe te krijgen is. Zo’n hond zal misschien altijd al veel lopen en dan zegt 20 km hem niet zoveel. Het gevaar schuilt echter in de soort bodem waarop de hond gewoonlijk loopt. Is dat een zachte bodem dan zal die hond een zorgvuldig opgebouwd trainingsschema nodig hebben om het polster van zijn voetzolen te laten harden tot een beschermende laag.
Water
De hond moet gedurende de training in de pauzes kunnen beschikken over water. Wees hier echter zuinig mee. Geef het niet onmiddellijk nadat u van de fiets afstapt. Wacht er een minuut of 5 mee en geef dan een paar slokken niet te koud water; een “natte snuit” is prima, maar als u de hond laat slobberen en een volle bak leeg drinkt, gaat het water klotsen in zijn buik en daar heeft hij dan beslist last van. Bovendien is dit niet zonder gevaar.
Eten
De hond moet zijn eten altijd na en nooit voor de training krijgen. Tijdens het lopen verbruikt de hond veel energie, zijn spieren kunnen het dan ook zwaar te verduren krijgen. Om enigszins aan de extra vraag van het lichaam tegemoet te komen kan de hond +/- 3 uur voor de loopprestatie een kleine hoeveelheid zeer licht verteerbaar voedsel worden aangeboden, wat uiteraard wel in zijn normale eetpatroon past. Geef de hond nooit onmiddellijk na grote lichamelijke inspanning zijn eten. Dit geeft kans op een maagtorsie. Een kleine beloning man wel.
Laat de hond eerst tot rust komen en het lichaam ontspannen voordat u hem zijn volledige maaltijd geeft.
Rust
Zorg ervoor dat de hond zijn rustpauzes ten volle kan benutten. Dat betekent dat u de hond niet ergens vast moet leggen met een bak water binnen zijn bereik en dat u zelf een bakje koffie gaat drinken.
Het is voor de hond van belang dat hij zich wat ongedwongen kan bewegen, wat heen en weer lopen, en af en toe een slokje water kan drinken en zich kan ontlasten. Wanneer de hond gaat liggen verstijven zijn spieren en dit gevaar is dan met name aanwezig bij vochtig weer en/of lage buitentemperaturen. Indien de spieren niet in beweging blijven, zal de hond mogelijk problemen ondervinden bij het vervolgen van zijn loopprestatie. Houdt u dus ook tijdens de rustpauzes met uw hond bezig. Hij heeft zeker op deze momenten recht op uw aandacht en zorg.
Veiligheid
De hond moet uit veiligheidsoverwegingen rechts naast de fiets lopen met een band om en een riem.
Er zijn tevens zogenaamde springers te koop, waaraan u de hond aan een tuigje kunt vastkoppelen en u uw beiden handen (ook wel prettig) aan uw stuur kunt houden. De riem kan dan als “dubbele” bediening nog lichtjes vastgehouden worden.
Tempo
De oefenvorm bestaat uit het naast de fiets laten draven van de hond, waarbij erop gelet dient te worden dat de hond in gelijkmatige draf loopt, zonder haperingen of een onregelmatig ritme, waardoor de hond in galop geraakt. Dit zie je vaak gebeuren bij mensen die de hond even willen afjakkeren voor het eten, voor het werk, voor de sport of wat voor belangrijks dan ook. Dit is uit den boze, speciaal waar het jonge honden betreft, omdat hun bot- en spierweefsel nog volop in ontwikkeling en dus zeer kwetsbaar is.
Wacht met een hoge intensiteit training totdat de hond 2 jaar is en eventueel de heupuitslag bekend is. Een HD positieve hond kan wel aan de fiets, maar wees daarbij uitermate voorzichtig en houdt de intensiteit laag. Laat u in ieder geval dan adviseren door uw eigen dierenarts die van de conditie van uw hond op de hoogte is.
Trainingsschema recreatief fietsen voor een jonge hond (minimaal 1 jaar)
Cyclus van 6 weken trainen – 2 weken rust.
WK 1 Dag 1 5 min/1 km Dag 3 10 min/2 km Dag 5 10 min/2 km
WK 2 Dag 1 10min/2 km Dag 2 10 min/2 km Dag 4 10 min/2 km Dag 5 10 min/2 km
Wk 3 Dag 1 10min
|
Week |
Dag 1 |
Dag 2 |
Dag 3 |
Dag 4 |
Dag 5 |
Dag 6 |
Dag 7 |
|
1 |
5 min/1 km |
|
10 min/2 km |
|
10 min/2 km |
|
|
|
2 |
10 min/2 km |
10 min/2 km |
|
10 min/2 km |
10 min/2 km |
|
|
|
3 |
10 min/2 km |
10 min/2 km |
10 min/2 km |
|
10 min/2 km |
10 min/2 km |
|
|
4 |
15min/3 km |
10 min/2 km |
|
15 min/3 km |
10 min/2 km |
5 min/1 km |
|
|
5 |
15min/3 km |
10 min/2 km |
10 min/ 2 km |
|
15 min/3 km |
10 min/2 km |
|
|
6 |
15min/3 km |
10 min/2 km |
10 min/ 2 km |
|
20 min/4 km |
10 min/2 km |
|
Als uw hond opnieuw met conditietraining aan de fiets begint is het goed om een deel van het schema voor de jonge hond af te werken. Begin dan de training met week 3, ook als uw hond al een redelijke conditie heeft.
Na deze 4 weken, waarbij de hond in de laatste week 20 minuten loopt, kan verder worden gegaan met volgend schema:
het schema voor de volwassen hond.
|
Week |
Dag 1 |
Dag 2 |
Dag 3 |
Dag 4 |
Dag 5 |
Dag 6 |
Dag 7 |
|
1 |
25 min/5 km |
15 min/3 km |
|
25 min/5 km |
20 min/4 km |
|
|
|
2 |
30 min/6 km |
20 min/4 kmm |
|
30 min/6 km |
|
30 min/6 km |
|
|
3 |
35 min/7 km |
20 min/4 km |
30 min/6 km |
|
30 min/6 km |
20 min/4 km |
|
|
4 |
40min/8 km |
20 min/4 km |
|
|
40 min/8 km |
15 min/3 km |
|
|
5 |
40min/8 km |
25 min/5 km |
|
40min/8 km |
20 min/4 km |
|
|
|
6 |
45min/9 km |
20 min/4 km |
|
|
60 min/12 km |
|
20 min/4 km |
Onderhouden van de conditie
Op rustdagen is het goed om de hond te laten zwemmen, omdat dit de spieren prima ontspant en uw hond zich daardoor sneller van de voorgaande training herstelt. Na dit schema gevolgd te hebben is het goed de hond 2 weken rust te bieden en gewoon lekker te wandelen. Zie dit schema als voorbereiding voor het seizoen, daarna kan de conditie onderhouden worden met de volgende werkindeling.
Dag 1 30 minuten 6 km
Dag 2 rust
Dag 3 20 minuten 4 km
Dag 4 rust
Dag 5 rust
Dag 6 20 minuten 4 km
Dag 7 rust
In de tabellen is uitgegaan van een snelheid van 12 km per uur. Verder zijn de tabellen uiteraard een leidraad waarop u zich niet blind moet staren. Houdt oog voor uw hond.


















